Daniel Johnston en de rock-’n-roll van de gekte

Vertrekkend vanuit het leven en het werk van Daniel Johnston bespreekt deze paper vanuit een lacaniaans perspectief de worsteling die manisch getint psychotisch functioneren met zich meebrengt. Kenmerkend voor de manie is dat de dimensie van de jouissance volatiel is. De betekenaar transformeert de jouissance niet tot betekenden die het subject in tijd en ruimte situeren tegenover de Ander, maar slaat op hol. Dit gaat gepaard met een destructieve herhaling van de situatie waar de psychotische verwerping betrekking op heeft. De grote uitdaging voor het manisch functioneren bestaat uit het vinden van een limiet en subjectieve ademruimte. Aan de hand van Daniel Johnston bespreken we twee sporen om zo’n limiet te implementeren: het actief extraheren van een object a en het cultiveren van identificaties die een tegengewicht bieden ten aanzien van de overspoelende jouissance.

The Wanderings of Jouissance, with the Object a in the Pocket: On Differential Diagnosis in Psychosis

In clinical practice, when confronted with a suspected psychosis, it is critical that, beyond simply providing a label, the diagnosis is verified and further specified with regard to the particular psychotic structure: paranoia, schizophrenia, mania, melancholia or autism. Each psychotic structure requires a specific kind of treatment. When this is clarified, it will allow us to take up an appropriate position in the transference and it to orient ourselves in relation to treatment. One approach is to determine the status of the object a and the jouissance within the logic of the case. For example, the paranoiac situates the jouissance in the Other, the schizophrenic will struggle with the jouissance in the body and the autistic subject will have troubles with language and the Other. In the case of melancholia we see that the subject fully identifies with the object a and finally, in mania, the object a will no longer function. Clinical examples of each of these structures are provided.