Onderhavige tekst betreft de schriftelijke neerslag van een lezing gepresenteerd op de Idesça Studiedag ‘Liefde, verlangen en genot bij het anorectisch subject’ (04-03-2015). Aan de hand van enkele uitgesponnen theoretische draden, en gekaderd binnen de illustratie van casus Justine, poogt de auteur een subject-respecterend licht te werpen op de creatie van (en keuze voor) anorectische symptomen als destructie- en creatieve oplossingspogingen; namelijk (steeds singulier overgedetermineerde) manieren om zich krampachtig te proberen bevrijden uit een verstikkende gezinsdynamiek, waarin de ‘patiënte’ tot louter object van behoefte van een voedende moeder (eerste Ander) wordt gereduceerd – daarbij (door haar en een niet-couperende vader/tweede Ander) miskend als verlangend (en dus vragend en lijdend) subject. De auteur gaat hiermee in tegen de courante visie (blik) op het passief gedrag van niet-eten door anorectische patiënten (waarmee hulpverleners een herhaling dreigen te installeren van de oorspronkelijke, snoerende verhouding), om plaats te ruimen voor het belangwekkend gehoor (oor) aan het actief eten van het object niets, en de andere zijde van de hunkerende ‘honger’.