Select Page

SCHIZOFRENIE, FILOSOFIE, EN HET ONGRIJPBARE ZELF

Samenvatting: Filosofen wenden zich vaak naar schizofrene ervaring om filosofische assumpties aangaande het wezen van het zelf empirisch te bevestigen. In deze context geldt het fenomeen van gedachteninsertie als een gepriviligeerd voorbeeld aangezien het geacht wordt het wezen van normale zelfervaring te reveleren op een pathologische of negatieve wijze. In deze bijdrage zullen we een dergelijke filosofische benadering kritisch bespreken die gedachteninsertie tracht te verhelderen in termen van een ‘verlies aan agency’ dat geacht wordt het normale denken te karakteriseren. In het tweede deel zullen we ook de meer algemene assumptie kritisch bekijken dat schizofrenie begrepen kan worden als een ‘via negativa’ die toegang verleent tot de evidenties en ervaringen die het normale leven zouden kenmerken. Daartegenover zullen we het idee naar voor schuiven dat zowel filosofie als schizofrenie een bepaalde hyper-reflexieve attitude delen ten aanzien van het alledaagse leven. In de conclusie ontwikkelen we een aantal implicaties van dit idee voor huidige benaderingen van gedachteninsertie en bespreken we de contouren van een alternatief model.

OVER HALLUCINATIES. SUBJECT AAN DE WERELD, WERELDEN AAN HET SUBJECT

Deze tekst onderzoekt, in het spoor van het ‘veldwerk’ dat Oliver Sacks in de neurologie verricht heeft rond hallucinaties bij organische defecten, de plaats, functie en zin van hallucinatoire fenomenen binnen de kliniek van de psychose. De auteur gaat eerst ten rade bij de fenomenologische traditie voor zover deze de klinische psychiatrie op het niveau van de ervaring heeft proberen vatten, denken, veranderen. Daarnaast wordt vanuit de psychoanalyse gezocht hoe hallucinaties een plaats te geven binnen een theorie van het subject. Voorbij de fenomenologie van de ervaring viseert dit laatste zo, vanuit Lacan, het niveau van de structuur. Conform zijn onderwijs uit de jaren 1950-60 over de psychose wil dat zeggen: de hallucinatie te denken vanuit haar verbale dimensie en allusieve logica. Meer dan een louter theoretisch werk betracht deze tekst duiding van een kliniek te zijn die in al zijn geweld en verschijningsvormen eerst het reële aandoet: die van de acute psychose. In de geest van Sacks zal de auteur een subject centraal stellen dat zich noodgedwongen, even delicaat als beeldrijk, aan de rand van de wereld ophoudt.